gulls
Bart
Elsie
23-07-2018
Julie
floot
Julie
Daan
Cato
elm
unknown man at central station
Pilot
city park
visitor from Russia
Nikel
Murmansk
English teacher
security officer
kitchen mouse
two discarded mattresses
Diana
protected body
NightTown girl
Herman's cat
Homeless person
Shadow of a man
17-5-2018
man at a busstop
conference chair
Sofie
oil on water
Elsie
pigeons
Gerben and Willemijn
Leo, my former primary school teacher
Ringers place
Leo
living room window
Erica
fog
snack bar employee
woman at central station
man with a medal
free Balisto bars
Gerdesia
at the studio
1994
smoker
no man's land
at the back of the city
two people
Jeroen
diana
shadow af a black cat
Christiaan at the end of his life
Things

Biografie

Ik fotografeer mensen, dieren, (stads)landschappen objecten en alledaagse situaties. Ik ben onophoudelijk bezig om mijn verzameling foto's te verfijnen en uit te breiden.
Rond mijn 14e ben ik begonnen met fotograferen. Ik fotografeerde mensen, dieren en plekken in mijn directe omgeving. Ik was vastbesloten om fotojournalist of zelfs oorlogsfotograaf te worden. De middelbare school was als een irritante bromvlieg in mijn kamer die stoorde bij het Echte Werk, de fotografie. Ik was geïnspireerd door fotografen als Don McCullin, Josef Koudelka, Peter Martens (die mijn bovenbuurman was en mij de eerste kneepjes van het vak leerde), en fotografen die bij het fotobureau Magnum waren aangesloten. Na een paar jaar kwamen Ed van de Elsken, Johan van de Keuken en Robert Frank erbij als favorieten.
In 2000 studeerde ik af aan de Gerrit Rietveld academie in Amsterdam. Tijdens deze opleiding ben ik onder invloed van het werk van Craigie Horsfield, Koos Breukel, August Sander, Diana Arbus en Lucian Freud het portret als genre gaan waarderen. Ik studeerde zelfs af met een serie portretten die ik in en rond Amsterdam op straat maakte. Ik had een oude Crown Gaphic grootformaat camera die ik op een statief op zorgvuldig uitgekozen plaatsen ergens in de stad neerzette. Daar ging ik naar de gezichten van de voorbijgangers kijken. Als er iemand aankwam die mij om de een of andere manier opviel dan nodigde ik hem/haar uit om plaats te nemen voor de camera. Door het stilzitten (een voorwaarde voor een scherpe foto) ontstond er ondanks de drukte van de stad om ons heen een geconcentreerde stille sfeer.  Op het vluchtige moment dat ik de mens achter het gezicht kon te zien maakte ik de foto. Op de afdrukken kon ik uren bezig zijn met het vergelijken van de fijne nuances in de gezichtsuitdrukkingen om te bepalen wat ik de beste opname vond.
Na de academie begon ik portretten in opdracht voor verschillende kranten en tijdschriften te maken en af en toe kreeg ik een langer lopende opdracht. Later ben ik met mijn vriendin terug naar Rotterdam verhuisd, waar onze zoon en dochter geboren werden.

Ik kijk voortdurend om mij heen, in alles wat ik zie overweeg ik of er een foto in zit. Waarom ik van het ene moment, de ene plek of die ene persoon wel een geslaagde foto kan maken en waarom dat van het andere moment, die andere plek en die andere persoon niet lukt is mij nog steeds een raadsel. Het interesseert mij ook, want ik selecteer op deze manier intuïtief de momenten uit de dagelijkse realiteit die voor mij van belang zijn en daarmee in mijn werk een bestaan krijgen. Ik kan dagen, weken rondhangen met een camera in mijn tas zonder dat ik een foto maak en ik kan werken aan een vooropgezet plan ergens op de wereld en toch geen aanleiding zien om een foto te maken. Een voorbeeld is mijn reis naar Murmansk in noord Rusland. Deze plek sprak met de zon die niet onder gaat in de zomer en niet opkomt in de winter enorm tot mijn verbeelding. De mensen zullen daar wel allemaal fantastisch zijn en geweldige koppen hebben om te portretteren en het landschap zal vast raadselachtig zijn, precies zoals ik het zou willen. Maar toen ik daar aankwam begon mijn ingewikkelde intuïtieve zoektocht naar dat ene specifieke zoals ik die thuis ook altijd uitvoer. Alle ideeën waarmee ik naar het noorden was afgereisd bleken niet te bestaan en als ze wel bestonden dan kon ik daar niet de foto van maken die ik voor ogen had. Toen ik mijn vooropgestelde plan eenmaal had los gelaten ontstond er meteen ruimte voor het vrije kijken, denken en fotograferen. Een ander voorbeeld is dat ik eens mijn oude buurman in Rotterdam bezocht die ik al lang niet had gesproken. Hij was 70 jaar en had zijn leven gewijd aan het bouwen van een zeilschip met twee masten, waarmee hij de wereldzeeën wilde bevaren. Toen ik bij hem was maakte ik een paar portretten van hem en toen zijn oude kat binnenkwam maakte ik ook een foto van zijn oude kat. Die laatste foto vind ik nu de beste en die had ik onmogelijk kunnen voorzien. Je zou kunnen stellen dat ik met mijn foto's een 'onvoorziene' wereld zichtbaar wil maken. Ik houd van foto verzamelingen waar op het eerste gezicht geen formele verhaallijn of samenhang in te bekennen is, maar waar wel een bepaalde samenhangende sfeer vanuit straalt.
Ik werk graag aan langer lopende projecten waarbij ik mij in een bepaalde plek kan verdiepen. Ik wil dat mijn foto's een autonome kwaliteit hebben, dat het beeld voor zichzelf spreekt. Ik wil mijn werk het liefst in de vorm van verzamelingen tentoonstellen en publiceren.

Ik zou graag portretten van mensen op hun werk willen maken. Van snackbar medewerker, stratenmaker, dirigent tot wetenschapper, prostituee, chirurg politicus, kunstenaar, slager, boer, sales manager,... Ik wil dat het portret uiteindelijk helemaal op zichzelf kan bestaan, zonder uitleg of naam of wat dan ook.

(The English text below may not be what it should be, it has been translated with Google for the time being)

... I take pictures of everyday things, I take pictures of nature and urban landscapes and I take portraits of people and animals. Sometimes I photograph someone again later and I return to certain landscapes from time to time to see what has changed. I'm constantly refining and expanding my collection of photos.
I started photographing around the age of 14. I photographed people, animals and places in my immediate environment. I was determined to become a photojournalist or even a war photographer, high school was like an annoying fly in the room that disturbed Real Work, photography. I was inspired by Don McCullin, Josef Koudelka, Peter Martens (who was my upstairs neighbor and taught me the first tricks of the trade), and some other photographers who were affiliated with the Magnum photo agency. After a few years, Ed van de Elsken, Johan van de Keuken and Robert Frank were added as favorites.
In 2000 I graduated from the Gerrit Rietveld academy in Amsterdam. During this art course I started appreciating the portrait as a genre under the influence of the work of Craigie Horsfield, Koos Breukel, Rineke Dijkstra, August Sander, Diana Arbus and Lucian Freud. I even graduated with a series of portraits that I made on the street in and around Amsterdam. I had an old Crown Gaphic large format camera that I placed on a tripod at carefully selected places somewhere in the city. Then I looked at the faces of passers-by. If someone arrived that somehow struck me, I invited him / her to take a seat in front of the camera. Sitting still (a condition for a sharp photo) created a concentrated, quiet atmosphere despite the bustle of the city around us. The moment I thought I saw the person behind the face, I took the photo. On the prints I could spend hours comparing the fine nuances in the facial expressions to determine the best shot.
After the academy I started making commissioned portraits for various newspapers and magazines and occasionally I got a longer running assignment. Later I moved back to Rotterdam with my girlfriend, where our son and daughter were born.
I constantly look around me, in everything I see I consider whether I want to photograph it. Why I can make a memorable photo of one moment, one place or that one person, and why I can't make it from that other moment, that other place and that other person is still a mystery to me. I find this meganism very interesting, because in this way I intuitively select the moments from daily reality that are important to me and thereby gain a living in my work. I can hang around for days, weeks with a camera in my bag without even taking 1 photo. I can work on a preconceived plan somewhere in the world and feel no reason to take a photo. An example is my trip to Murmansk in northern Russia. This place appealed to my imagination with the sun not setting in the summer and not rising in the winter. The people there would all be fantastic and have great faces to portray and the landscape will probably be enigmatic, exactly as I would like it. But when I arrived, the intuitive search for the real specific moment that I always do at home began. All the ideas I had before I had traveled north turned out not to exist, and if they existed I could not take the photo I had in mind. Once I had let go of my proposed plan, there was immediately room for free viewing and photography. The photos became very different than I could have imagined in advance. Another example is that I once visited my old neighbor in Rotterdam who I hadn't spoken to in a long time. He was 70 years old and had devoted his life to building a sailing ship with two masts, with which he wanted to sail the world's oceans. I made portraits of him as agreed, and when his old cat came in I also took a picture of his old cat. I think that last photo is the best and I could not have foreseen it.
I enjoy working on longer-term projects that allow me to delve into a certain place. I want my photos to have an autonomous quality. I prefer to exhibit and publish my work in the form of collections.

I would like to make a large series of portraits of people at work. Snack bar employees, conductors, scientists, surgeons, politicians, prostitutes, artists.... The emphasis must be on real contact with the person portrayed, so that the portrait can ultimately exist entirely on its own.